Zoeken in deze blog

7 december 2011

Ontstaan van het Vincent van Gogh Museum

Zo is het Van Gogh Museum ontstaan:
Goedkeuring van de op 21 juli 1962 gesloten overeenkomst tussen de Staat der Nederlanden en de Vincent
van Gogh Stichting: bijlagen memorie van toelichting (pdf, 12 pag).
Vermoedelijk is er in het archief van de Afdeling Kunsten en taakvoorgangers van het Ministerie van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen over de periode 1945-1965 meer informatie te vinden over de toestandkoming van deze overeenkomst. Heb daar nog niet in gekeken.

Citaat uit overeenkomst:
...de volledige, thans aan partij van Gogh nog in eigendom toebehorende „collectie Vincent van Gogh" en collectie „Theo van Gogh", te weten: a. de schilderijen en tekeningen van de hand van Vincent van Gogh, zoals deze specifiek zijn omschreven in twee lijsten gemerkt I, bestaande uit negen bladzijden en II bestaande uit zeventien bladzijden, welke zijn gehecht aan een akte op zeven februari negentienhonderd een en zestig voor de plaatsvervan-ger van mij, notaris, verleden. Verder behoren hiertoe de nog nader bij definitieve akte te specificeren schilderijen, die zich niet in het Stedelijk Museum te Amsterdam maar ten huize van de Heer Ir. Vincent Willem van Gogh en elders bevinden.

b. de schilderijen, aquarellen, etsen, gravures en tekeningen uit het bezit van Vincent van Gogh of van zijn broer Theo van Gogh, zoals deze specifiek zijn omschreven in een lijst gemerkt III, bestaande uit drie bladzijden, welke is gehecht aan voormelde akte van zeven februari negentienhonderd een en zestig, voor de plaatsvervanger van mij, notaris, verleden. c. het huisraad, de archiefstukken en persoonlijke herinneringen van Vincent van Gogh en Theo van Gogh afkomstig en zich bevindende ten huize van de comparant sub I, alsmede de brieven geschreven door Vincent van Gogh. Van deze onder c bedoelde zaken zal geen nadere omschrijving in deze akte plaatsvinden, aangezien tussen partij van Gogh en de Vincent van Gogh Stichting voldoende vaststaat, wat onder de sub c bedoelde zaken is begrepen.
De hiervoor omschreven verkoop en koop is geschied voor de prijs van achttien millioen vier honderd zeventig duizend gulden (f 18 470 000)........................
 Zodra de hiervoor omschreven overdracht door partij van Gogh aan de Vincent van Gogh Stichting volledig zijn beslag heeft verkregen door betaling van de daarvoor vastgestelde koopprijs, verplicht de Theo van Gogh Stichting zich, de in haar bezit zijnde werken van Vincent van Gogh, zoals hierna specifiek omschreven, om niet te schenken en in eigendom over te dragen aan de Vincent van Gogh Stichting. De specificatie van de te schenken werken luidt als volgt:..... [volgt opsomming van schilderijen]....

 De Staat zal, na overleg met de Stichting, zo spoedig mo-gelijk een rijksmuseum inrichten op het grondgebied van het Rijk in Europa, dat de naam zal dragen: „Rijksmuseum Vin-cent van Gogh". Door de huisvesting van de verzamelingen in het rijksmuse-um neemt de Staat op zich
1. de exploitatie voor eigen rekening van dit rijksmuseum, met de daarin gehuisveste verzamelingen, volgens moderne op-vattingen, teneinde het museum een zekere levendigheid en een plaats in het sociale leven te verschaffen;
2. de zorg voor de materiƫle instandhouding van de ver-zamelingen, als waren die eigen goed.
3. een kunstzinnig verantwoorde permanente en openbare tentoonstelling van de verzamelingen.

Afbeelding: artikel Limburgsch Dagblad 14-11-1962 jrg 45,  nr. 267

Deze blog kwam tot stand met de welwillende medewerking van het Nationaal Archief.